Titel

Inleiding

    Zijn of haar?

    Verwijzen naar zelfstandige naamwoorden

     

    Het kan lastig zijn om in een zin het juiste verwijswoord te bepalen. Want heeft het bestuur nu haar vergadering of zijn vergadering uitgesteld? De keuze voor het juiste verwijswoord is afhankelijk van het woordgeslacht van het zelfstandige naamwoord waar je naar verwijst. In het Nederlands wordt gebruikgemaakt van drie verschillende woordgeslachten: mannelijk, vrouwelijk en onzijdig.

    Onzijdige woorden

    Zelfstandige naamwoorden met het lidwoord het zijn altijd onzijdig. Hiervoor gebruik je de verwijswoorden:

    • Onderwerp: het
    • Lijdend voorwerp: het
    • Bezittelijk voornaamwoord: zijn

    Voorbeeld: Het bestuur heeft in zijn overleg besloten dat het de vergadering zal uitstellen.

    Mannelijke en vrouwelijke woorden

    Zelfstandige naamwoorden met het lidwoord de kunnen zowel mannelijk als vrouwelijk zijn. Om het juiste woordgeslacht te bepalen kun je het beste gebruikmaken van een woordenboek. Naar mannelijke woorden verwijs je met:

    • Onderwerp: hij
    • Lijdend voorwerp: hem
    • Bezittelijk voornaamwoord: zijn

    Voorbeeld: De raad heeft in zijn overleg besloten dat hij de vergadering zal uitstellen.

    Naar vrouwelijke woorden verwijs je met:

    • Onderwerp: zij/ze
    • Lijdend voorwerp: haar/ze
    • Bezittelijk voornaamwoord: haar

    Voorbeeld: De vereniging heeft in haar overleg besloten dat ze de vergadering zal uitstellen.

    Sommige woorden, zoals groep of kat, zijn zowel mannelijk als vrouwelijk. Voor deze woorden kun je mannelijke en vrouwelijke verwijswoorden gebruiken. In Nederland heeft vaak de mannelijke versie de voorkeur, terwijl in Vlaanderen meestal de vrouwelijke verwijzing wordt gebruikt.

    Plaatsen en landen

    Wanneer je wilt verwijzen naar een plaats of land, is het lastig om bovenstaande regels te volgen. Je gebruikt namelijk niet snel een lidwoord wanneer je het over een plaats hebt. Toch is het kiezen van verwijswoorden in dit geval makkelijker dan het lijkt. Dorpen, steden en landen zijn namelijk altijd onzijdig. Hier verwijs je dus naar met het en zijn.

    Bedrijfsnamen

    Ook bedrijfsnamen zijn over het algemeen onzijdig. Er zijn echter een paar uitzonderlingen, namelijk bedrijfsnamen die duidelijk met het lidwoord de gepaard gaan. Dit zijn bijvoorbeeld:

    • De Spar
    • De Taalunie
    • De KVK (want ‘kamer’ is een mannelijk woord)

    Verwijzen in het Limburgs

    Voor de sprekers van het Limburgse dialect is het makkelijker om te kiezen of een woord mannelijk of vrouwelijk is. Hier worden namelijk verschillende lidwoorden voor gebruikt: ‘unne’ man en ‘un’ vrouw. Ook in het Brabants is dit het geval. Geen kennis van een van deze dialecten? Dan kom je met een woordje Duits ook al heel ver!